Ondervoeding

In 2017/2018 is de werkgroep ondervoeding van start gaan. In deze werkgroep neemt deel een diëtist, fysiotherapeut, POH, thuiszorgmedewerker , medewerker Welzijn Barneveld en een huisarts.

Ondervoeding kan veel gevolgen hebben voor de gezondheid en welzijn van de patiënt.

verslag werkgroep ondervoeding

Doelstelling

Het doel van de werkgroep is het tijdig screenen van kwetsbare patiënten op ondervoeding en het inzetten van de juiste hulpverleners om mogelijke complicaties als gevolg van ondervoeding te beperken.

Ondervoeding
Ondervoeding bij ziekte is een erkend zorgprobleem. Uit landelijke prevalentiecijfers blijkt dat in het ziekenhuis 15 tot 25%, in het verpleeghuis 10 tot 15% en in de thuiszorg 15 tot 30% van de patiënten ondervoed is. Risicogroepen zijn ouderen, chronisch zieken en patiënten rond een operatie. Ondervoede patiënten herstellen minder snel van een ziekte of operatie en hebben meer complicaties. Kenmerken van ondervoede patiënten zijn verlies van lichaamsgewicht en spiermassa, daling van de weerstand, verhoogde kans op complicaties, zoals infecties en decubitus en een vertraagde wondgenezing. Deze situatie kan tot een negatieve gezondheidsspiraal leiden. Dit veroorzaakt een langere opnameduur, verhoogd medicijngebruik, toename van de zorgcomplexiteit en afname van de kwaliteit van leven.
Volgens de Stuurgroep ondervoeding (een multidisciplinaire expertgroep die zich inzet om vroege herkenning en een adequate behandeling van ondervoeding bij ziekte in te voeren in de gehele Nederlandse gezondheidszorg) is ondervoeding met goede zorg en de juiste aandacht goed te behandelen.
Wanneer is er sprake van ondervoeding?
In het algemeen wordt er gesproken over aan ziekte gerelateerde ondervoeding wanneer er bij ziekte sprake is van onbedoeld gewichtsverlies van meer dan 10% in de laatste 6 maanden of meer dan 5% in de laatste maand. Verder is er ook sprake van ondervoeding bij een Body Mass Index (BMI (gewicht / lengte2)) van kleiner dan 18,5. Ouderen (>65 jaar) zijn ondervoed bij een BMI van < 20kg/m2 Wat is het probleem? Ondervoeding wordt vaak te laat herkend en behandeld. Ondervoede patiënten hebben vaak complexe problematiek. De signalen zoals van gewichtsverlies, een verminderde eetlust, een te lage voedingsinname worden vaak te laat opgepikt door artsen, verpleegkundigen en andere zorgverleners, maar ook door de patiënten zelf en hun naaste familie. Tijdige herkenning en behandeling voorkomt veel problemen. In de eerste lijn kan gescreend worden op ondervoeding door een POH ouderenzorg, huisarts, fysiotherapeut, diëtist, thuiszorg verpleegkundige of andere zorgverlener. De expertise voor het verbeteren van de voedingstoestand ligt bij de diëtist. Door multidisciplinaire aanpak van de oorzaken van de ondervoeding (en dit kan b.v. ook eenzaamheid zijn of verwaarlozing) kunnen op termijn veel complicaties voorkomen worden.